Terug naar nieuwsoverzicht

Blussen of niet blussen?

De BHV bezetting op zorglocaties staat vaak onder druk. In de nachtsituatie maar soms ook overdag. Een gevolg hiervan is dat er door zorginstellingen terecht kritisch wordt gekeken naar de invulling van BHV taken. 

Een zichtbare trend is dat zorginstellingen er soms voor kiezen om blussen als ‘BHV-taak’ niet, of minimaal, in te vullen. Dit kan komen vanuit de gedachte dat een BHV’er het verschil niet kan maken met een klein blusmiddel, of dat blussen heel risicovol is voor de BHV’er. Ook is de redenatie vaak dat de focus moet komen te liggen op ontruimen. Het veiligstellen van aanwezigen is de hoogste prioriteit en het behoudt van het gebouw komt pas daarna. Oftewel, laat maar afbranden, als iedereen maar veilig is. 

In dit artikel vroegen wij twee experts naar hun mening over deze ontwikkeling. We gingen in gesprek met André Brandon Bravo die al meer dan 25 jaar een BHV opleidingsbedrijf runt. “Regelmatig kom ik in aanraking met zorginstellingen die brandbestrijding (willen) schrappen uit hun BHV-trainingen. Recentelijk werden we bijvoorbeeld uitgenodigd voor een aanbesteding bij een grote GGZ-instelling in de regio Rotterdam Rijnmond.” Tot zijn verbazing stond in het bestek vermeld dat de BHV-training uitsluitend gericht zou zijn op ontruiming, waarbij het leren blussen van branden volledig werd weggelaten. “Dit is een zorgwekkende ontwikkeling die niet alleen onverstandig is, maar ook indruist tegen geldende wet- en regelgeving”, geeft André aan.

‘Het goed leren blussen van een beginnende brand is geen overbodige luxe, maar een vitale vaardigheid die het verschil kan maken.’  

André legt de zorginstelling uit dat een bhv’er een beginnende brand in de eerste minuten nog effectief kan worden bestrijden met kleine blusmiddelen en daarmee escalatie kan voorkomen, schade kan beperken en mogelijk levens kan redden. Toch koos de zorginstelling om bij haar standpunt te blijven. “Erg jammer”, vindt André. “Want het tijdig blussen van een brand geeft meer tijd voor een veilige ontruiming en vermindert de risico’s aanzienlijk”.

De trend om brandbestrijding uit BHV-trainingen te laten, vindt André een zorgwekkende en onverantwoorde ontwikkeling. Het goed leren blussen van een beginnende brand is geen overbodige luxe, maar een vitale vaardigheid die het verschil kan maken. 

Ook spraken we met Sjoerd Nieuwenhuizen, adviseur bij een brandveiligheidsadviesbureau. “Jarenlang lag de focus in de zorg op ontruimen. Logisch, want de bewoners en cliënten zijn vaak verminderd zelfredzaam. Het idee is dan snel geboren: laat dat blussen maar zitten, we zorgen eerst dat iedereen buiten is. Het gevolg? Een onveilige cultuur waarin medewerkers huiverig zijn om een blusmiddel aan te raken, zelfs als dat in sommige situaties juist de beste oplossing is”.


Volgens Sjoerd is de werkelijkheid complexer dan dit. “Brandveiligheid is niet zwart-wit. Of je wel of niet blust, hangt af van de situatie. Waar bevindt de brand zich? Hoeveel mensen zijn er aanwezig? Welke blusmiddelen heb je bij de hand? Deze factoren bepalen onder andere of blussen de slimste zet is of juist een onverantwoord risico.

‘In de zorg, waar we vaak handen tekortkomen, kan die extra tijd het verschil betekenen tussen chaos en controle”.

Gelukkig hoeven we hierbij niet te vertrouwen op onderbuikgevoel. Artikel 6.20 van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) geeft een duidelijk kompas: er moeten genoeg mensen zijn om een ontruiming snel en veilig te laten verlopen. En hier komt dan de link met blussen: een succesvolle bluspoging kan kostbare minuten opleveren om te evacueren. In de zorg, waar we vaak handen tekortkomen, kan die extra tijd het verschil betekenen tussen chaos en controle”.

Kortom: soms is ontruimen de juiste keuze, en soms is dat juist blussen.

Sjoerd bekeek twee casussen met een tool om artikel 6.20 uit te rekenen en kwam tot het volgende:


Casus 1: Brand in een gemeenschappelijke woonkamer

Alle 10 bewoners van een woongroep zijn in de woonkamer. In de prullenbak in de hoek ontstaat brand. Ontruimen is in dit geval kansloos. De tijd ontbreekt om alle 10 bewoners naar buiten te krijgen want rookverspreiding gaat razendsnel. Alleen snel ingrijpen door te blussen of directe beheersing van de brand kan een geslaagde ontruiming nog garanderen.

Casus 2: Brand in de nacht, cliënten op hun slaapkamer

Er ontstaat in de nacht brand in een van de slaapkamers. Alle cliënten liggen te slapen. Uit de berekeningen met de OntruimCheck blijkt dat bij een middelgrote brand (bijvoorbeeld een meubelstuk), blussen niet realistisch is. De BHV’er komt in de nacht vaak van afstand en de brand is dan al te groot om nog succesvol te kunnen blussen. Hier moet de focus volledig op het snel evacueren van de cliënten liggen. 

Dit vraagt een aanpassing in BHV-trainingen voor zorgmedewerkers. Adequaat opleiden gaat zo namelijk niet alleen over een brandblusser bedienen, maar vooral over het maken van de juiste keuze: blussen of ontruimen? Er ligt hier dus een belangrijke taak voor brandveiligheidsadviseurs en BHV-opleiders. Het is tijd om de nuance terug te brengen. De slogan “blussen doen we niet” moet verdwijnen. Want het echte antwoord is: soms wel, soms niet.

Met dank aan Sjoerd Nieuwenhuizen van Kijk op Veiligheid en André Brandon Bravo van BHV Zuid Holland.


Deel dit bericht